Meten van uitkomsten en kosten

Aantal uitkomstindicatoren in 2018 gedaald

In 2022 wil het kabinet dat voor 52 aandoeningen uitkomstinformatie beschikbaar is. Over 2018 is het aantal bruikbare uitkomstindicatoren gedaald ten opzichte van 2017. Om de doelstellingen van het kabinet te halen, moet er dus nog veel werk worden verzet.

Op dit moment bevatten 21 van de 45 openbare indicatorensets één of meerdere uitkomstindicatoren. Dit blijkt uit onderzoek van Mediquest. Onderzoeker Augie Vissers: “Het ontwikkelen van bruikbare uitkomstindicatoren blijkt een proces van ‘trial and error’. Zo was er in 2017 nog een verplichte set indicatoren voor lage rugchirurgie. Die bevatte een uitkomstindicator over complicatiepercentages. Deze hele set is in verslagjaar 2018 niet meer openbaar. Lage rugpijn en lage rughernia staan bovenaan in de lijst van de 52 aandoeningen met de hoogste ziektelast. Toch is er voor deze groep patiënten geen inzicht in de kwaliteit van zorg.”

Niet openbaar

Ook voor bijvoorbeeld borstkanker, prostaatkanker en staar  zijn er in 2018 minder uitkomstindicatoren dan in 2017. Vissers: “Zo wisten we eerst nog het percentage patiënten dat ernstige pijn heeft na het verwijderen van keel- en/of neusamandelen. Dit jaar zijn deze gegevens niet meer openbaar gemaakt. Dit  terwijl is aangetoond dat goede pijnstilling bijdraagt aan een voorspoedig herstel van deze ingreep.”

Uitkomstinformatie kan gebaseerd zijn op klinische gegevens, maar ook op PROMs. Ook de landelijke implementatie van PROMs laat nog te wensen over, zo blijkt uit het onderzoek van Mediquest. Vissers: “Alleen voor heup- en knieprothese zijn uitkomstindicatoren gebaseerd op PROMs in de openbare dataset van verslagjaar 2018 opgenomen. Het jaar daarvoor was er ook voor Cataract een PROMs-uitkomstindicator openbaar gemaakt. Deze is uit de openbare set van verslagjaar 2018 gehaald.”

Niet duidelijk

Het komt regelmatig voor dat indicatoren openbaar gemaakt worden, maar een jaar later toch weer afvallen. Voor buitenstaanders is niet altijd duidelijk waarom dat gebeurt. Vissers: “Er wordt door werkgroepen van zorgaanbieders, zorgverzekeraars en patiënten kritisch naar de indicatoren gekeken. Er zijn dus per indicator naar verwachting gegronde redenen om ze niet langer openbaar te maken.”

“Het probleem is wel dat er hierdoor ten opzichte van vorig jaar  juist minder in plaats van meer uitkomstinformatie beschikbaar is voor patiënten. Om de doelstellingen van het kabinet te halen, moet er de komende jaren dus nog veel werk worden verzet. We hopen echt dat volgend jaar blijkt dat er over 2019 niet opnieuw een daling in het aantal bruikbare uitkomstindicatoren heeft plaatsgevonden. We hopen op een forse stijging.”

Reacties