Organisatie

Betere zorg en lagere kosten bij hiv-behandelcentrum OLVG

In het OLVG heeft het hiv-behandelteam stappen gezet op het gebied van waardegedreven zorg. Patiënten krijgen betere zorg dankzij de combinatie van medische en sociale data. Tegelijkertijd dalen de kosten.

Het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) behandelt ruim 3000 hiv-geïnfecteerde patiënten. “We zijn vijf jaar geleden begonnen met het zetten van stappen op het gebied van waardegedreven zorg. Ons streven was om de zorg voor onze patiënten beter te maken, maar de kosten te reduceren”, zegt Guido van den Berk, internist-infectioloog bij OLVG. “Bij waardegedreven zorg staat de patiënt centraal. Daarom zijn we met een groep patiënten om tafel gaan zitten om te overleggen wat voor hen belangrijk is bij de behandeling. Zo kregen we initiële indicatoren. Aan hiv gaan de meeste mensen niet meer dood, maar er spelen wel andere zaken. Daarbij was van belang hoe vaak iets voorkomt, wat de impact is en hoe je het kunt beïnvloeden.”

Zorg op maat

Hiv-patiënten hebben te maken met een aantal veelvoorkomende problemen, zoals schade aan nieren en lever, hart- en vaatziekten, bepaalde vormen van kanker. Ook hebben zij soms last van psychische problemen zoals een angststoornis of depressie, van slaapproblemen en van het stigma. De artsen en verpleegkundigen van OLVG ontwikkelden in samenspraak met de patiënten een PROMs vragenlijst, met gevalideerde vragen, die betrekking hebben op de geestelijke en lichamelijke gezondheid van hiv-patiënten. Het zorgpad werd gecombineerd met gegevens uit het elektronisch patiëntendossier. Daarnaast is er sinds twee jaar ook een app die met het dossier is verbonden.

Internist-infectioloog Guido van den Berk

Probleemdetectie

“We doen twee keer per jaar bloedonderzoek en patiënten vullen ieder jaar een vragenlijst in”, zegt Van den Berk. “Met de door ons ontwikkelde Happi-app kunnen patiënten aangeven hoe ze zich voelen en welke problemen ze ervaren. Door al deze gegevens te combineren, kunnen wij makkelijk beoordelen hoe het met de patiënt gaat en welke zorg nodig is. Het biedt houvast en we krijgen meer inzicht in de kwaliteit van leven van de patiënt.”

De vragenlijst bevat vragen over algemene gezondheid, angst en depressie, pijn, seksualiteit, een sociaal netwerk, stigma, zelfvertrouwen en bijwerkingen van medicatie. “De patiënt vult de lijst voorafgaand aan het polibezoek in”, zegt hiv-verpleegkundige Marie-Jose Kleene. “We kunnen uit de lijst makkelijk afleiden of alle seinen nog op groen staan, of dat de patiënt ergens last van heeft. Een derde van de patiënten heeft last van angst of depressie en een kwart van de patiënten lijdt onder het stigma waar hiv-geïnfecteerden mee te maken krijgen. De vragenlijst helpt ons om daarmee aan de slag te gaan. We kunnen die problemen sneller opsporen en behandelen. We werken hiervoor samen met de afdeling psychiatrie.”

Van den Berk vertelt dat de vragenlijst wordt gecombineerd met de bloedtest. Er wordt onder andere gekeken naar cholesterol, suiker en bloeddruk. “Zo duiken problemen sneller op en kunnen we verbanden zien tussen bijvoorbeeld geneesmiddelengebruik en medische en psychosociale problemen. Vroeger konden we een complicatie, bijvoorbeeld een depressie, nog wel eens over het hoofd zien. Vooral als er iets anders aan de hand was, zoals hart- en vaatproblemen of iets met de nieren, dan lag daar volledig de focus. Nu zien we met oranje of rood sein in de app of vragenlijst aan welke punten we aandacht moeten besteden. Patiënten waarderen dat.”

De Happi-app

De Happi-app is twee jaar geleden in gebruik genomen, als aanvulling op de vragenlijst en het medisch onderzoek. “De app is bedoeld om de patiënt zelf meer gemak, regie en vertrouwen in de gezondheid te geven”, zegt Van den Berk. “Iedereen kan de Happi-app downloaden. Het is bedoeld voor hiv-patiënten over de hele wereld. Maar in OLVG is het gekoppeld aan het elektronisch patiëntendossier. De app laat met smileys zien of het virus goed is onderdrukt, of iemand de medicatie goed verdraagt, of er risico is op hart- en vaatziekten en hoe iemand de kwaliteit van leven ervaart. Ook laat de app in grafiekjes zien hoe bijvoorbeeld de bloeddruk, de bloedwaarden en effecten van medicatie in de loop van de tijd variëren. De patiënt kan zelf in de app volgen hoe het gaat en wij kunnen ook direct de gegevens zien.”

Inzicht

“Door mensen beter inzicht te geven in hun gezondheidstoestand, kunnen we ze helpen met preventie”, zegt Van den Berk. “Als we bijvoorbeeld aangeven dat een patiënt 18 procent kans heeft op hart- en vaatziekten, maar door te stoppen met roken dit risico reduceert tot 9 procent, is een deel van de patiënten geneigd te stoppen. Zelf hebben we ook meer dan vroeger inzicht in hoe het met de patiënt gaat. Door de combinatie van alle gegevens, kunnen we makkelijker vaststellen of veel voorkomende klachten zoals slaapproblemen of maag-darmklachten een bijwerking zijn van de medicatie of van bijvoorbeeld een depressie. Een ander voorbeeld: Vaak blijkt dat artsen tevreden zijn over een gesprek met een patiënt, ze denken alles te hebben besproken. Achteraf blijkt dan uit een enquête dat patiënten het gevoel hebben dat bepaalde problemen niet altijd goed ter sprake komen. Nu is dat allemaal helder.”

Besparen

De manier van werken van OLVG is niet alleen goed voor de patiënt, er worden daadwerkelijk kosten mee uitgespaard. “Als je goed monitort hoe mensen in hun vel zitten, kan je ze ook beter behandelen”, meent Van den Berk. “Bij psychische problemen bijvoorbeeld kan het best zijn dat een gesprek met de vaste behandelend verpleegkundige beter is dan een doorverwijzing naar een psycholoog die de patiënt helemaal niet kent. Dat scheelt dure zorg van een psycholoog of psychiater. Uit de uitkomstindicatoren van afgelopen jaren bleek dat de kosten voor consulten en laboratoriumbepalingen daalden met 20 procent ten opzichte van eerdere jaren, terwijl positieve uitkomstindicatoren gelijk bleven of stegen.”

Samenwerken

“We kunnen de kwaliteit van de zorg dus verbeteren en tegelijk kosten reduceren door de zorg anders in te richten”, zegt Van den Berk. “Dit lukt door de manier van werken. Indicatoren voor mogelijke problemen zijn vastgelegd. Hierdoor zijn er niet steeds verschillende behandelaars nodig bij problemen. We doen meer samen met andere zorgprofessionals tijdens het hele zorgpad. We werken bijvoorbeeld samen met een apotheker, medisch-microbioloog en psychiater en in mindere mate met een dermatoloog, longarts oncoloog en soms verslavingsarts voor één patiënt. Hierdoor is er een team specialisten rondom een patiënt die precies die zorg biedt die de patiënt nodig heeft.”

Uitbreiding

“Het model functioneert en levert ons veel op”, zegt Van den Berk. “Patiënten komen veel beter voorbereid op het spreekuur en we kunnen ze beter helpen. De komende tijd gaan we uitbreiden. Het Catharina Ziekenhuis, het Maasstad Ziekenhuis en Medisch Spectrum Twente zijn van plan deze manier van werken over te nemen. We horen bij de Santeon groep en werken samen met de andere ziekenhuizen uit deze groep. Binnenkort gaan we benchmarken. Wij zijn voorloper op het gebied van hiv-gerelateerde zorg, dus ze zullen vast veel van ons overnemen. Tegelijkertijd zullen wij ook kijken wat we kunnen leren van hun zorgproces.”

Reacties