ICT

Blog: Bestuurders laten te veel kwaliteit van zorg op de plank liggen

Zorgprocessen en samenwerkingsverbanden worden steeds ingewikkelder. Processen zijn soms verre van optimaal. Door gegevens beter uit te wisselen kunnen de zorgprocessen strakker worden ingericht en kan aanzienlijke gezondheidswinst worden geboekt en gezondheidsschade worden voorkomen, schrijft Jeroen Geelhoed van BeBright.

Onlangs heeft het kennisinstituut Nictiz Amigo! gelanceerd. De naam staat voor Aan de slag Met Informatiestandaarden GO! Met de lancering van Amigo! geeft Nictiz extra ondersteuning aan zorginstellingen om de gegevensuitwisseling te bevorderen, eerst in de acute zorg en later ook voor andere informatiestandaarden.

Veel zorginstellingen weten nauwelijks waar ze moeten beginnen om gegevens tussen zorginstellingen uitwisselbaar te krijgen. Op alle lagen van het interoperabiliteitsmodel (beleids-, proces-, informatie-, applicaties- en architectuurlaag) geeft Nictiz nu een handreiking, een goede stap voorwaarts.

Dagelijkse werkelijkheid

Maar alleen met de introductie van een instrument zijn we er nog niet. De tips die in Amigo! worden gegeven moeten nog worden ingepast in de dagelijkse werkelijkheid van zorginstellingen. De afgelopen jaren was ik betrokken bij verschillende initiatieven om gegevensuitwisseling (interoperabiliteit) te bevorderen. Waarom is dat zo belangrijk?

Veel verschillende organisaties

Alleen al in de acute keten gaat het al snel om meer dan twintig verschillende type organisaties die samen moeten werken als het gaat om bijvoorbeeld een adequate behandeling op de Spoedeisende hulp (SEH). Doordat, in dit voorbeeld, de SEH-artsen niet altijd tijdig de volledige en juiste informatie krijgen is vaak extra (lees: dubbel) onderzoek nodig. Daardoor kost het stabiliseren van de patiënt te veel tijd, met als mogelijk gevolg vermijdbaar overlijden. In elk netwerk van zorg zijn deze voorbeelden actueel, of het nu gaat om de verpleegkundige overdracht van ziekenhuizen naar verpleeghuizen, het medicatieproces of processen in de ggz.

Vervangen van epd

Een ziekenhuis is net een groot winkelbedrijf, een ingewikkelde matrixorganisatie waarin verschillende onderdelen van de organisaties op allerlei manieren met elkaar samenhangen. Het vervangen van het belangrijkste informatiesysteem, het elektronische patiëntendossier (epd), zet dan ook vaak, soms zelfs meerdere jaren, de hele organisatie op zijn kop. Dit weerhoudt de organisatie om in de tussenliggende periode daadwerkelijk te innoveren in betere kwaliteit van zorg, immers alle energie is nodig om het epd te vervangen.

Koppelen van systemen

Een goede informatieverwerking binnen de eigen organisatie is al een grote uitdaging, maar het koppelen van systemen tussen organisaties is nog ingewikkelder. Technisch is het goed te doen. Ict’ers van zorgorganisaties geven aan dat koppelingen vrij goed te maken zijn.

Het probleem van interoperabiliteit zit in het veranderen van de manier van werken, zeker als het gaat om het uitwisselen van zorginhoudelijke gegevens. Deze uitwisselingen raken direct het zorgproces.

Volledige interoperabiliteit van gegevens

Als voorbeeld de uitwisseling tussen ambulancegegevens met de SEH. Als een patiënt met hartfalen wordt vervoerd, wordt er in de ambulance vaak een ECG gemaakt. In de ambulance is men vooral bezig om de patiënt te stabiliseren. Bij aankomst op de SEH vond er in het verleden een snelle mondelinge overdracht plaats waarna de patiënt op de SEH verder wordt behandeld, soms zonder dat bekend is om welke patiënt het eigenlijk gaat.

Volledige interoperabiliteit van gegevens betekent dat al in de ambulance bekend is wie de patiënt is, wat voor allergieën de patiënt heeft, of er een ‘niet reanimeren’-verklaring is, wie contactpersoon is, naam van de huisarts, etc. Bij aankomst in het ziekenhuis zijn deze zelfde gegevens ook bekend en ook de aanvullende informatie uit de ambulance zoals de resultaten op de ECG zijn direct beschikbaar. Het ziekenhuis kan zich daardoor beter voorbereiden op de patiënt en de patiënt daardoor beter en sneller opvangen, zonder dubbele diagnostiek te verrichten.

Door de informatievoorziening aan de voorkant van de zorg beter te regelen is het ook beter mogelijk om de patiënten gelijk op de juiste plaats te behandelen, bijvoorbeeld direct doorsturen naar een specialistisch behandelcentrum of gelijk doorsturen naar de IC. Niet alleen de instroom wordt dan beter, maar ook de doorstroom en de uitstroom.

Zorg op maat

Het werken aan een betere gegevensuitwisseling gaat de zorg helpen om zorg op maat te kunnen leveren nabij de mensen die de zorg nodig hebben. We moeten loskomen van een versnipperd eigenaarschap op de gegevens. De patiënt moet uiteindelijk meer regie krijgen over zijn of haar gegevens. Het goed uitwisselen van gegevens maakt dat de zorg om mensen draait die bepaalde zorgbehoeftes hebben en die zorg willen betrekken van een divers palet van aanbieders in hun nabijheid. De winst die we met elkaar kunnen behalen is een forse gezondheidswinst en het voorkomen van aanzienlijke gezondheidsschade.

Vanuit de praktijk zijn er een aantal tips mee te geven om de kans van slagen van dit soort implementatietrajecten te vergroten. Meer daarover leest u in het blog: Zo kunnen bestuurders gegevensuitwisseling bevorderen.

 

Door Jeroen Geelhoed

Jeroen Geelhoed werkt bij BeBright en richt zich op kwaliteitssturing en gegevensuitwisseling in de zorg. Hij heeft inmiddels ruim 25 jaar ervaring op het snijvlak van strategie en informatiemanagement. Op dit thema is Jeroen Geelhoed tevens gepromoveerd. Jeroen is van 2006 tot 2016 hoofd risicodetectie geweest bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en is vervolgens aan de slag gegaan als adviseur.

Reacties