Validering / kennisdeling

‘De patiënt meenemen in het besluit van de dokter is niet genoeg’

Om de patiënt partner te maken in de besluitvorming is een ware cultuurverandering in de zorg nodig. Dat stelt Eelco de Koning hoogleraar diabetologie aan het LUMC. “Het gaat om beslissen met de patiënt in plaats van over de patiënt.

Onlangs leidde De Koning een bijeenkomst van het kennisnetwerk ‘De patiënt als partner’, onderdeel van het NFU-consortium Kwaliteit van Zorg. Duidelijk is volgens de hoogleraar dat de zorg in beweging is op het vlak van de gezamenlijke besluitvorming door patiënt en arts.

“Aan het ene uiterste van het spectrum is het instituut dat bepaalt wat de juiste zorg  is, aan het andere uiterste is de patiënt die  bepaalt hoe de inrichting van de zorg zou moeten zijn. Momenteel beweegt de zorg zich van het ene naar het andere spectrum”, vertelt hij. “Leidend is de vraag hoe we de hele zorg kunnen inrichten voor de patiënt.”

Zelfmanagement

De cultuurverandering die van de zorg gevraagd wordt heeft veel aspecten. “Zo is er discussie over of patiënten dat wel kunnen, samen beslissen.” Maar dat is volgens De Koning niet de juiste insteek. Gezamenlijke besluitvorming kan praktisch altijd. “Als je een been breekt is het meteen duidelijk dat met name de arts iets moet doen om dat probleem te verhelpen. Bij diabetes is het ander verhaal, het gaat hier vooral om zelfmanagement van de patiënt. Een diabetesteam kan daarbij ondersteunen, maar de eigen inbreng, wensen, voorkeur van de patiënt is heel belangrijk. Het diabetesteam moet juist leren wat de patiënt nodig heeft en wat de beste manier is om deze patiënt te ondersteunen bij het zelfmanagement.”

Context van de patiënt

Het leren kennen van de hele context van de patiënt is volgens De Koning een belangrijk onderdeel van de noodzakelijke cultuuromslag. “Wat speelt er nog meer bij de patiënt behalve dat hij diabetes heeft? Je kunt als behandelaar wel een behandeldoel stellen, maar als er bij de patiënt iets heftigs is voorgevallen, zoals bijvoorbeeld een sterfgeval, dan heeft die wel even iets anders aan zijn hoofd. Regelmatig heb je eerder een medisch-psycholoog nodig dan een diabetesarts om de diabetes te verbeteren.”

De rol die cultuur speelt in de relatie met patiënten verdient aandacht. “Vooral oudere patiënten zijn het niet gewend om gevraagd te worden naar de rol die zij zelf willen of kunnen spelen. Je moet alle patiënten zo goed mogelijk van informatie kunnen voorzien. Besef daarbij dat voor minder geletterde patiënten dingen op papier lastig zijn. Hoe weet je dat de boodschap is overgekomen? Het is bekend dat heel veel patiënten achteraf weinig van de informatie hebben meegekregen. Op dat vlak kunnen we nog veel leren.”

Tot slot moeten de doelen van de behandeling ook in samenspraak met de patiënt worden vastgesteld, stelt De Koning. “Voor de ene patiënt is misschien wel het belangrijkste doel om met de kleinkinderen te kunnen spelen, terwijl de medisch specialist gewend is om medische doelen te stellen, zoals een bepaalde streefwaarde voor een laboratorium bepaling of bloeddruk. In plaats van dat soort abstracte waarden, zouden meer concrete, haalbare doelen met de patiënt moeten worden gesteld. Wat wil de patiënt met de behandeling bereiken?”

Keuzehulp

Veel behandelaren menen dat zij al samen met de patiënt beslissen, constateert De Koning. “Maar in welke mate is het echt een gezamenlijk besluit geweest? Vaak wordt een patiënt meegenomen in het besluit van de dokter. Het is de vraag of iemand wel voldoende informatie heeft gekregen  en welke keuzehulpen er zijn gebruikt. Was er wel ruimte voor de patiënt om te zeggen: ik begrijp het niet?”

In zijn eigen praktijk begon De Koning door patiënten te vragen ‘wanneer wilt u terugkomen?’ in plaats van een afspraak te maken na een bepaalde periode. “Veel patiënten keken daar in het begin raar van op. Het is toch de dokter die dat bepaalt? Het is in ieder geval een goede opening naar het gesprek over wat de patiënt nodig heeft. Het kan zijn dat ze in sommige perioden vaker willen langskomen en in andere perioden minder vaak. Zo kun je voorkomen dat patiënten alleen maar langs komen om je de hand te schudden.”

Zorginnovaties

De Koning ziet een belangrijke rol weggelegd voor technologieën zoals apps die zelfmanagement ondersteunen en beeldbellen. “Dat is allemaal onderdeel van het inrichten van de zorg voor de patiënt, dat je de patiënt in ieder geval die opties geeft.”

Wel vindt hij dat zorginnovaties nog te vaak een medisch professioneel uitgangspunt hebben. “Die worden gestuurd vanuit wat wij denken dat de patiënt nodig heeft. Bij projecten zouden we nog veel meer de patiënt moeten betrekken en vanaf het begin af aan vragen: wat heb jij nodig van ons?”

 

Reacties