Onderzoek Nivel: nog niet iedereen heeft vertrouwen in keuzehulpen

In de jaarlijkse Transparantiemonitor van het Nivel is dit jaar onderzoek gedaan naar keuzehulpen. Deze maken een enorme groei door, maar er zijn nog altijd twijfels. Deze hangen onder meer samen met een gebrek aan vertrouwen in commerciële aanbieders, maar er zijn ook bedenkingen over de financiële consequenties

Keuzehulpen leggen gestructureerd de voor- en nadelen van verschillende behandelopties naast elkaar. Ze zijn bedoeld om patiënten te helpen een afweging te maken, bij voorkeur samen met een zorgverlener.

Deze keuzehulpen maken een stevige groei door, zo blijkt uit de Transprantiemonitor van het Nivel. Zo’n tien jaar geleden waren er nog vrijwel geen keuzehulpen beschikbaar. Sinds een jaar of vijf zijn er commerciële bedrijven die zich specifiek richten op de ontwikkeling en implementatie ervan. De meeste ontwikkelingen op dit vlak hebben de afgelopen paar jaar plaatsgevonden. Inmiddels zijn er zo’n 250 keuzehulpen op de markt.

Validiteit keuzehulpen

Toch heeft nog lang niet iedereen vertrouwen in keuzehulpen, aldus de Transparantiemonitor. Soms heeft dit te maken met de commerciële leveranciers. Met name de legitimiteit van de grote aanbieders Patiëntplus en Zorgkeuzelab wordt door verschillende stakeholders in twijfel getrokken.

Daarbij gaat het niet zozeer om de organisaties op zichzelf, maar vooral om voorwaarden waaronder zij hun producten in de markt zetten. Hieronder vallen bijvoorbeeld claims op het intellectueel eigendom. Gevoelig ligt onder meer dat volgens de landelijke leidraad een wetenschappelijke vereniging betrokken moet zijn bij de ontwikkeling van een keuzehulp. De beroepsgroep moet daarna alsnog betalen voor het gebruik.

Rol verzekeraars

Maar de twijfels betreffen niet alleen de rol van de aanbieders. Zorgverleners hebben ook bedenkingen over de mogelijke consequenties die het gebruik van een keuzehulp voor hen kan hebben. Bijvoorbeeld als zorgverzekeraars eisen gaan stellen aan de toepassing ervan, of als keuzehulpen leiden tot keuzes die financieel nadelig zijn.

Niettemin zijn zorgverleners die keuzehulpen hebben geïmplementeerd positief over het resultaat. Ook zijn patiëntenorganisaties en brancheorganisaties overtuigd van de waarde ervan.

Verdere marktontwikkeling

Bij de verdere marktontwikkeling speelt een aantal vraagstukken, aldus de Transparantiemonitor. Zo ontbreekt nu nog een overzicht welke keuzehulpen in omloop zijn en of die allemaal voldoen aan de leidraad. Daar zijn risico’s aan verbonden. Het zou zo kunnen zijn dat er een keuzehulp in gebruik is die niet voldoet aan de eis om alle behandelopties aan te bieden, terwijl niemand dit in de gaten heeft.

Een andere kwestie is dat er verschillende keuzehulpen zijn voor dezelfde behandelkeuze. Deze kunnen allemaal voldoen aan de leidraad, maar toch is het denkbaar dat dit in sommige gevallen leidt tot andere behandelkeuzes.

Financiering keuzehulpen

Daarnaast is financiering van het gebruik van keuzehulpen een knelpunt. Dit gaat om kosten voor implementatiebegeleiding en gebruik, maar ook voor eventuele extra capaciteit die het gebruik vraagt.

Tot slot is het onderhoud een punt van aandachtspunt. Keuzehulpen zijn gebaseerd op richtlijnen. Wanneer die veranderen, vraagt dat om actualisatie. Als de keuzehulp wordt geleverd door een bedrijf is het onderhoud vaak inbegrepen in de abonnementskosten voor het gebruik. In andere gevallen is dat niet zo. Dat kan ertoe leiden dat een keuzehulp wordt teruggetrokken omdat het onderhoud niet belegd is.

Reacties