Organisatie

Nierschadepoli brengt waardegedreven zorg in praktijk

Het begon met dromen. Op de nierpoli van Amsterdam UMC, locatie VUmc, wilden medewerkers continu waarde toevoegen voor hun patiënten. Sinds 2017 wordt dat in de proeftuin chronische nierschade, onder leiding van internist-nefroloog Fenna van Breda, stap voor stap in de praktijk gebracht.

Dat heeft een aantal successen opgeleverd, zoals een cyclisch verbeterproces, een klinisch dashboard en betere gesprekken in de spreekkamer. Maar niet alles liep of loopt van een leien dakje, vertelt Van Breda.

De proeftuin richt zich op patiënten met ernstige nierschade, waarbij de nieren hoogstens nog 20 procent van hun functie hebben en snel achteruit gaan. Hun aandoening en de nierfunctie-vervangende therapie hebben een groot effect op hun leven. Op de poli zien zij allerlei verschillende artsen en zorgverleners. Het effect van waardegedreven zorg kan daarom in deze proeftuin significant zijn, zo redeneerde men in 2017.

Vijf sessies

Hoe is de proeftuin begonnen? Van Breda: “In eerdere projecten met VBHC zagen we dat het vaak ontbrak aan een gemeenschappelijke eindvisie. Daarom zijn wij begonnen met een groepssessie waarin iedereen formuleerde wat zijn of haar droom of einddoel was. Daarbij waren alle betrokkenen van de nierfalenpoli aanwezig. Dat waren nefrologen, verpleegkundigen, een internist-ouderengeneeskunde, vaatchirurgen, diëtisten, een medisch maatschappelijk werker, een baliemedewerker, EPIC-medewerker, verpleeghuisarts, iemand van de cliëntenraad en twee patiënten.”

Fenna van Breda

In totaal waren er vijf sessies, waarin achtereenvolgens het ‘why’ ‘how’ en ‘what’ werden besproken. “Het was bijzonder dat iedereen ruim de tijd nam voor die sessies”, zegt Van Breda achteraf. “Ze werden elke drie weken georganiseerd en duurden drie uur. Een hele investering. Dat vraagt ook commitment van leidinggevenden en de raad van bestuur.”

Spiegelgesprekken

“In de tweede sessie hielden we spiegelgesprekken met meerdere patiënten van onze nierfalenpoli. Daar kwamen heel leerzame punten uit over de impact van nierfalen. Hoe lastig het is om een vertrouwensband op te bouwen als je heel veel verschillende artsen ziet, bijvoorbeeld. Of hoeveel tijd een ziekenhuisbezoek in beslag neemt. En het belang van goede communicatie werd duidelijk. Een patiënt zit thuis vaak met  veel vragen. Hij krijgt juist veel informatie op momenten die emotioneel heel zwaar zijn.”

Daarnaast werd het hele zorgpad vanaf de aankomst op de poli schematisch uitgetekend. Alle deelnemers konden met post-its aangeven waar verbeterpunten lagen. “Dat varieerde van verse koffie tot een gespecialiseerde verpleegkundige als vaste casemanager. Daarnaast van een smoelenboek en mobiele telefoonnummers van collega’s  op de website tot een nierteam dat patiënten thuis bezoekt en informeert.”

Klinische uitkomsten

Vervolgens is gekeken naar de klinische uitkomsten zoals mortaliteit, aantal opnames, complicaties als hartinfarct of CVA, bloeddruk en aantal shuntrevisies.   “Het bleek nog een hele kunst te zijn om deze klinische parameters uit het EPD te halen. Met behulp van afdeling Business Intelligence is dit heel redelijk gelukt en kunnen we gaan kijken op welke klinische uitkomsten we willen gaan sturen.”

Daarnaast wordt er gekeken naar PROMs aan de hand van gevalideerde vragenlijsten die aansluiten bij ICHOM. “De vragenlijsten zijn gekoppeld aan ons EPD. Dit geeft in de spreekkamer een duidelijk overzicht van hoe de patiënt zich voelt en waar hij het meeste last van heeft. Hierdoor kunnen we onze vragen gerichter stellen en kunnen we goed aansluiten bij de beleving van de patiënt.” Voor het meten van patiëntervaringen door middel van PREMs  was binnen VUmc al een instrument ontwikkeld: Patiënt in Zicht, dat na elk polibezoek wordt afgenomen.

Verbeteracties

“Op dit moment zijn wij bezig uit te vinden hoe we de metingen het beste kunnen terugkoppelen aan de patiënt”, vervolgt Van Breda. Hiervoor is een dashboard gemaakt waarop zowel de klinische uitkomsten als de PROMs visueel worden weergegeven. “We hopen hierdoor de patiënt te kunnen betrekken bij de behandeling en eigen regie te geven wat hij wil bespreken in de spreekkamer. Het dashboard gaan we niet alleen op individueel niveau gebruiken, maar ook op populatieniveau om te benchmarken en in het waardeteam te kijken naar verbeterpotentieel en effect van verbeteracties.”

Longlist 

Naast het meten en inzichtelijk maken van verbeteringen, ontstond er ook een longlist van innovatievoorstellen. Daar kijken een kernteam van onder andere twee nefrologen en het hoofd van de afdeling nu naar voor een verbeteragenda. Van Breda: “Daarop staan dingen die snel en makkelijk te realiseren zijn, zoals een vast e-mailadres voor patiëntvragen, de spreekkamers rolstoeltoegankelijk maken of een inwerkdocument voor nieuwe artsen. Daarnaast zaken die meer ingrijpen op de organisatie van de poli , zoals  frequentere MDO’s, een casemanager of de rol van de huisarts.”

Ervaringsdeskundige

De poli heeft een patiënt voor een jaar in dienst genomen als ervaringsdeskundige. “Die heeft geholpen om het ziekenhuis eens door een andere bril te zien”, zegt de nefrologe. “Dan merk je dat de organisatie stroperig, hiërarchisch en moeilijk te veranderen is.” De patiënt heeft veel aan de externe communicatie gedaan, zoals het geven van presentaties en het herschrijven van de website in eenvoudiger taal. “Maar een leerpunt is dat we de ervaringsdeskundige een duidelijke opdrachtbeschrijving zouden moeten meegeven. Dan hadden we er misschien meer uit kunnen halen.”

Succesvolle stappen

De afgelopen tijd lag de focus op de fusie van de academische ziekenhuizen tot Amsterdam UMC, waardoor het realiseren van waardegedreven zorg niet altijd de prioriteit kreeg die het verdiende, vindt Fenna van Breda. Toch zijn er succesvolle stappen gemaakt in het realiseren van een cyclisch verbeterproces. Minder goed ging het realiseren van patiëntbetrokkenheid en het ontwikkelen en toepassen van benodigde software voor het afnemen van de PROMS vragenlijsten.

Integrale kosten

Het kernteam werkt nu hard aan de invoering van een casemanager: een verpleegkundig specialist als aanspreekpunt voor alles patiënten. Daarnaast is er een businessplan gemaakt voor een nierteam aan huis. “Een belangrijk aandachtspunt is het in kaart brengen van de integrale kosten”, zegt Van Breda. “We zien dat bij waardegedreven zorg de kosten eerst omhoog gaan, maar uiteindelijk gaan dalen. Naar mijn mening moet je breder kijken dan alleen de kosten in het ziekenhuis. Het gaat ook om kosten bij bijvoorbeeld apothekers, fysiotherapeuten, mantelzorg en ziekteverzuim op werk. Als je die goed inzichtelijk hebt, dan kun je ook beter beargumenteren bij de zorgverzekeraars waarom waardegedreven zorg belangrijk is.”

Lees ook:
Waardetuinen in VUmc draaien niet op euro’s

 

 

Reacties