Meten van uitkomsten en kosten

Uitkomstindicatoren beslaan kwart ziektelast

In Nederland bestaan al voor veel aandoeningen uitkomstindicatoren. Samen bestrijken deze uitkomstmaten momenteel ongeveer een kwart van de totale ziektelast. Dat blijkt uit een inventarisatie door Sira Consulting in opdracht van VWS.

De inventarisatie is uitgevoerd als nulmeting voor het kabinetsprogramma Uitkomstgerichte Zorg 2018-2022. Het programma beoogt in 2022 uitkomstinformatie voor 50 procent van de ziektelast in de medisch specialistische zorg te hebben. Deze informatie moet zorgverleners en patiënten in staat stellen om samen te beslissen over zorg. Nederland is blijkens dit onderzoek halverwege deze doelstelling.

Ziektelast

In het onderzoek is voor 54 aandoeningen geïnventariseerd welke uitkomstmaten in gebruik, beschikbaar of in ontwikkeling zijn. Samen beslaan deze aandoeningen meer dan de helft van de Nederlandse ziektelast. De ziektelast is de hoeveelheid gezondheidsverlies in een populatie die veroorzaakt wordt door ziekten. Ziektelast wordt uitgedrukt in DALY’s (‘Disability-Adjusted Life-Years’). De 54 aandoeningen veroorzaken samen 2.9 miljoen DALY.

Patiënt-gerapporteerd

Voor 45 procent van deze 2.9 miljoen DALY ziektelast zijn er zowel klinische als patiënt-gerapporteerde uitkomstmaten in gebruik, beschikbaar of in ontwikkeling. Volgens de onderzoekers kunnen ook de patiënt-gerapporteerde uitkomstmaten relevant zijn voor samen beslissen. Ze leveren namelijk uitkomstinformatie die gebruikt kan worden in de spreekkamer.

Samen beslissen

Uit de inventarisatie blijkt verder dat veel zorgaanbieders in Nederland aan het innoveren zijn met uitkomstindicatoren. Dit gebeurt vooral door het meten van patiënt-gerapporteerde uitkomsten, het bespreken van de resultaten in de spreekkamer en het gebruiken van geaggregeerde uitkomstinformatie van andere patiënten voor het samen beslissen over de behandeling. Daarnaast werken zorgaanbieders ook regelmatig met behandelkeuzetools die zijn ontwikkeld met behulp van uitkomstinformatie.

Benchmarken

Het meten van uitkomstindicatoren op landelijk niveau , om zorgaanbieders te benchmarken en te vergelijken, komt op dit moment niet of nauwelijks voor. Dit komt volgens het rapport door de methodologische uitdagingen die inherent zijn aan het gebruik van geaggregeerde data die op dezelfde wijze moet worden verzameld. Al met al wordt geconcludeerd dat het landschap enorm gefragmenteerd is. Zo bestaat er een grote variatie aan instrumenten en tussen aandoeningen en zorginstellingen onderling.

Concentratie van zorg

Tot slot keken de onderzoekers ook naar de manier waarop zorgverzekeraars uitkomstinformatie gebruiken. Zorgverzekeraars geven op dit moment vooral invulling aan waardegericht inkopen door te sturen op concentratie, zo blijkt. Met name informatie over het volume van zorg wordt gebruikt om behandelingen zoals het opereren van prostaatkanker te concentreren in drie of vier centra in Nederland.

Daarnaast zetten zorgverzekeraars ook wel in op nieuwe contractvormen, waarin bijvoorbeeld ‘shared savings’ en gedeelde verantwoordelijkheid zijn opgenomen. Deze contracten maken het mogelijk om de kosten van samen beslissen of de gederfde inkomsten bij ‘niet behandelen’ te compenseren. Zorgverzekeraars gebruiken uitkomstinformatie tijdens het zorginkoopproces momenteel niet voor het vergelijken van zorgverleners. Deze gegevens zijn (nog) niet beschikbaar, aldus de onderzoekers.

Reacties