ICT

Waardegedreven zorg vraagt aanpassingen aan IT

We staan aan de vooravond van een grote omwenteling. Dankzij technologie kunnen patiënten real-time hun gezondheidstoestand volgen en daarmee aan de slag. De IT moet dan wel de organisatie van de zorg volgen. Dat vraagt een grondige aanpassing van de huidige systemen.

Eind juni werd bekend dat de Wetenschaps- en Innovatieprijs 2019 van de Federatie Medisch Specialisten naar het onderzoeksteam gaat van MijnIBDcoach. De initiatiefnemer en ontwikkelaar van dit eenvoudige telemedicine systeem is Marieke Pierik, MDL specialist aan het Maastricht UMC+.

Uit onderzoek blijkt dat MijnIBDcoach de therapietrouw verbetert en dat er veel minder ziekenhuisopnames en polibezoeken nodig zijn. Bovendien blijkt het mogelijk te werken met zorguitkomsten zonder extra administratie ondanks de grotere hoeveelheid peilmomenten. MijnIBDcoach is meer dan een telemedicine systeem. Het is een volledig geïntegreerd zorgsysteem. Wat vraagt deze ontwikkeling van het IT beleid in zorgorganisaties, regio’s en landelijk?

Herbezinning

Echte waardegedreven zorg maakt een herbezinning op de zorg-IT noodzakelijk. De vereiste technologie is voorhanden en het is aan de zorginstellingen om nu het momentum te benutten.  Laat  het huidige verticale governance-denken van IT en zorgnetwerken  binnen en  tussen zorginstellingen  los. Dus richt niet van ‘boven naar beneden’ silo’s in, maar richt u vooral op horizontale informatie-uitwisseling aansluitend op zorgnetwerken en dus ook netwerk IT.

Constante synchronisatie

Met MijnIBDcoach kan de patiënt zijn eigen toestand real-time volgen. Door inzet van AI en samen met zorgverleners wordt er een constante synchronisatie tussen zorgbehoefte en zorgaanbod gerealiseerd. Zoals het vervangen van vaste periodieke policonsulten door raadplegingen als er een probleem is.

MijnIBDcoach is een goed voorbeeld voor de toekomst van de zorg in Nederland. De manier waarop de zorg voor deze aandoening georganiseerd is, maakt het toepasbaar op grotere, landelijke schaal en bruikbaar voor andere soorten, eventueel chronische aandoeningen.

Het succes begint met gedreven zorgverleners die vanuit de patiënt en de beschikbare zorg een proces ontwikkelen dat leidt tot één geïntegreerd systeem van zorg, logistiek, capaciteitsmanagement en IT. Dit in samenwerking met een meedenkende, innovatieve IT-leverancier, patiënten, en collega’s. Daarnaast is wetenschappelijk onderzoek noodzakelijk om te ‘bewijzen’ dat het echt beter werkt, en verder te innoveren.

IT volgend aan zorgsysteem

Een andere manier om over IT na te denken is noodzakelijk om de beperkingen van de huidige EPD’s en ziekenhuisinformatiesystemen (ZIS’en) te overwinnen. Samenwerking rond eenzelfde soort ziekte of zorgproces door patiënten en tussen zorgverleners vereist het standaardiseren van informatie en data.

Dit leidt niet alleen tot geïntegreerd zorgpad, maar uiteindelijk ook tot een zorgsysteem, omdat zo’n zorgpad alleen echt gaat werken als er afspraken zijn over competenties, werkafstemming e.d. die nageleefd worden. Dat zorgsysteem is de gids met betrekking tot de inrichting van de benodigde IT.

De huidige ZIS’en zijn daartoe niet ingericht en niet eenvoudig geschikt voor te maken. Het zijn vooral transactiesystemen die wel bedrijfsprocessen volgen, maar uiteindelijk niet zorgprocessen als kern hebben van hun structuur. De IT moet de organisatie van zorg volgen en dat is met de huidige ZIS’en niet mogelijk. Ook omdat ze in principe niet ingericht zijn om met andere zorg-IT vrij te koppelen. Ze zijn niet gemaakt om interoperabel te functioneren.

FAIR-data

Om beslissingen in de zorg goed te ondersteunen, zijn veel referentiedata noodzakelijk. Diagnoses, behandelingen en verloop zijn vaak specifiek en dus mogelijk verschillend tussen patiënten. Toegang tot data van andere patiënten in of buiten zorginstellingen is een voorwaarde om goede ondersteuning te kunnen bieden aan de patiënt, zorgverlener of voor het inrichten van zorgpaden en bepalen van zorgkomsten.

Referentiedata, zogenoemde secundaire data, hoeven niet in de zogenoemde transactiesystemen worden opgeslagen en kunnen dus buiten onze huidige EPD’s en ZIS’en blijven. Dit vereenvoudigt de inrichting van zorgsystemen -IT aanzienlijk. Deze methode stelt wel eisen aan de data. Die moet FAIR zijn. FAIR betekent de data altijd te vinden is (Findable), de data moet toegankelijk zijn (Accessible), het moet bekend zijn om welke data het gaat (Identifiable) en dat deze opnieuw kan worden gebruikt (Reusable).

IT-systemen bij zorgaanbieders moeten dan voldoen aan eisen met betrekking tot interoperabiliteit. De gegevens moeten kunnen worden uitgewisseld. En met betrekking tot de architectuur: applicaties, data en infrastructuur moeten zoveel mogelijk interoperabel zijn zonder grootschalige integratie.

Naar zorgplatformen

Waar gaat dit heen? Succesvolle zorgsysteem-IT neemt het zorgproces als uitgangspunt om data en de benodigde algoritmen te integreren. Die bepaalt zelf waar de data heen gaat en waar data vandaan komt. En functioneert met zorgprocesplatformen die centraal zullen staan in het zorg-IT landschap.

Is dit raar? Een nieuwe vorm van desintegratie? In het bedrijfsleven zien we al lang het gebruik van een zogenoemde enterprise service bus die de centrale plaats in de IT-architectuur en infrastructuur inneemt en die het aanbod van diensten, bijvoorbeeld data ten behoeve een telemedicine systeem,  regelt, onafhankelijk van de leverancier van de data en IT.

Nieuwe strategie

Het gaat helemaal niet om nieuwe technologie, maar voor de gezondheidszorg wel om een nieuwe IT-strategie. We zien dat EPD/ZIS leveranciers enterprise service bus principes wel in eigen architectuur gebruiken, maar zorginstellingen zelf geen enterprise service bus beleid volgen. In Nederlandse ZIS’en is het EPD praktisch altijd ‘hard’ geïntegreerd.  Hierdoor heeft de zorginstelling zich voor koppelingen met het EPD volledig afhankelijk gemaakt van de ZIS-leverancier. Koppeling van het EPD met andere systemen is altijd moeilijk.

De strategische keuzes waar zorginstellingen zich de komende jaren voor gesteld zien, is de volgende: zullen we nieuwe zorgsystemen zoals telemedicine gaan koppelen of integreren met het bestaande ZIS? Of doen we dat bewust niet en ontwikkelen/gebruiken we IT platformen buiten het bestaande  ZIS? Dit is geen hypothetische vraag omdat we zien dat succesvolle telemedicine systemen vaak niet rechtstreeks integreren/koppelen met ZIS’en.

Zorgbreed platform

Intermountain Healthcare, een groot zorgsysteem met veel ziekenhuizen en eerstelijns zorginstellingen  in Utah (VS) managet de zorgketens integraal. De IT ten behoeve van zo’n zorgketen is daar niet in een ZIS ingebed, maar de ZIS’en leveren de data aan een zorgketenbreed platform aan. Daar wordt alle relevante zorg- en workflow data geïntegreerd en indien nodig teruggeleverd aan EPD’s voor besluitvormingsondersteuning.

Naar de Nederlandse context vertaald betekent het dat op regionaal niveau dergelijke zorgketen-brede platformen zouden moeten worden ontwikkeld, of dat regionale platformen überhaupt de data-uitwisseling in de hele keten regelen.

Applicaties koppelen

Die regionale platformen zullen alle relevante kwaliteits- en waardegedreven zorgdata managen. Zo’n platform is een strategisch IT-instrument omdat het voor de zorginstellingsleiding mogelijk maakt applicaties te koppelen met het lokale ZIS. Of direct met het regionale zorgplatform als dat wel een enterprise bus heeft en het lokale ZIS niet.

Een regionalisatie heeft als grote voordeel dat schaalbaarheid en concentratie van IT- deskundigheid mogelijk is. Momenteel zullen zorginstellingen zelden in staat zijn de benodigde IT expertise in huis te hebben en te behouden.

Frits van Merode is Hoogleraar Logistiek en Operations Management van Zorg, Maastricht UMC+. Hij is Lid Leidende Coalitie Waardegedreven Zorg NFU-consortium Kwaliteit van Zorg. Hij is spreker op de Masterclass Capaciteitsplanning in de zorg van 17 en 18 september. 

 

Reacties