Validering / kennisdeling

Gezondheidsbeleving meten met zes vragen

Hoe zet je de persoonlijke gezondheidsbeleving in bij het bieden van zorg op maat? Hoogleraar Sjaak Bloem ontwikkelde een ladderschaal die op basis van maar zes vragen het verloop in acceptatie en controle per maand in beeld brengt.

Dit is belangrijk in de dagelijkse praktijk van zorgverleners, zo toonde Bloem op 6 februari tijdens het symposium ‘Samen naar beter! Ondersteuning bij kanker’.

Sjaak Bloem is bijzonder hoogleraar Health care consumers & experienced health aan de Nyenrode Business Universiteit en innovatiemanager bij Janssen Benelux. Hij werkt al meer dan vijf jaar aan de aanpak voor betere gepersonaliseerde zorg.

Samen met zijn collega Joost Stalpers inventariseerde hij welke vragenlijsten er bestonden en wat de achterliggende gedachten daarvan waren. Ze concludeerden dat de meeste vragenlijsten wel betrouwbaar waren, maar vaak niet valide. Bloem en Stalpers hadden behoefte aan een instrument dat duidelijk de gezondheidsbeleving van een persoon weergaf.

Ladderschaal

Bloem en Stalpers ontwikkelden een ladderschaal  voor het meten van beleefde gezondheid. Door de uitersten zelf aan te geven, kunnen patiënten de schaal persoonlijk maken. De hoogste sport van de ladder staat voor de topdag in een bepaalde periode, meestal een maand, de onderste sport voor de slechtste dag.

Op basis daarvan geven patiënten scores (1 tot en met 7) op zes stellingen. Die zeggen wat over controle over en acceptatie van de ziekte: over de mogelijkheden om zelf iets aan de gezondheidstoestand te doen en over de bereidheid de ziekte een plaats te geven in het leven. Het gaat bijvoorbeeld om stellingen als ‘Ik heb het gevoel dat ik zelf grip heb op mijn gezondheid’, ‘De manier waarop ik nu lichamelijk en/of geestelijk kan functioneren is voor mij acceptabel’ of ‘Mijn gezondheidstoestand heb ik voor een groot deel zelf in de hand’.

Kwadranten

De mate van controle en van acceptatie worden afgezet tegen een x- en een y-as. Zo ontstaan vier kwadranten met elk een ander type beleving, legt Sjaak Bloem uit. “Elke beleving vraagt weer om een andere vorm van zorg. Patiënten met een hoge acceptatie en een hoge controle doen het goed.”

Eigenlijk is het volgens hem de bedoeling dat de patiënten in het model naar rechtsboven schuiven. Deze categorie is het meest gebaat bij het stimuleren van trots en het aanbieden van gepersonaliseerde informatie door middel van bijvoorbeeld e-health of kanker.nl.

Patiënten met hoge acceptatie en lage controle hebben vooral heel praktische planning en structuur nodig, bijvoorbeeld met hulp van een agenda-app. Mensen met lage acceptatie en hoge controle hebben behoefte aan emotionele ondersteuning, zoals lotgenotencontact. Patiënten met lage controle en lage acceptatie hebben de meeste zorg nodig, zowel praktisch als emotioneel. Die vragen uitgebreide persoonlijke begeleiding, ze moeten aan de hand worden meegenomen. En ze moeten hoop geboden krijgen. “Leg de focus dan op wat wel kan en biedt hen perspectief”, concludeert Bloem tijdens de workshop.

 

Verdeling

Bloem en Stalpers onderzochten bij patiënten met kanker, diabetes  en depressie de verdeling over de kwadranten en splitsten dat ook uit in hoge sociale klasse en lage sociale klasse.

Bij depressie zitten veruit de meeste patiënten – tot bijna de helft – in kwadrant 4 (lage acceptatie, lage controle) en heel weinig in 1 (hoge acceptatie, hoge controle). Bij diabetes is de verdeling al wat meer gelijk, zeker in de hogere sociale klasse.

De oncologische patiënten in de hogere sociale klasse zijn precies verdeeld over de vier kwadranten. In de lagere sociale klasse zitten bijna een derde deel in kwadrant 4 en bijna een derde in kwadrant 3 (lage acceptatie, hoge controle). Maar, zo benadrukt Bloem, gezondheidsbeleving is een dynamisch gegeven en een patiënt beweegt continu door het model heen, bij voorkeur met een beweging naar rechtsboven.

Matrix

De kwadrantverdeling biedt zorgverleners wel aanknopingspunten voor de inzet van zorginstrumenten. Met behulp van de laddermeting kan gekeken worden of de zorg ook daadwerkelijk aanslaat.

De methode heeft zich inmiddels bewezen in een aantal ziekenhuizen, ggz-instellingen en de eerste lijn in Nederland en eerder al bij hiv-patiënten in België, legt Bloem uit. Samen met Stichting OOK (Optimale Ondersteuning bij Kanker), de organisator van het symposium, werkt Sjaak Bloem aan een manier om de methode ook aan kankerpatiënten zelf aan te bieden. Op de website van de stichting komen de laddermeting en de matrix beschikbaar, met mogelijkheden om door te klikken naar de juiste zorginstrumenten.

Reacties