Patiëntperspectief

Intensivist Meta van der Woude: ‘Ik weet nu hoe een IC-patiënt zich voelt’

Meta van der Woude is drie weken als intensivist aan het werk om de coronacrisis te bestrijden als ze zelf klachten krijgt. Ze denkt nog dat het een griepje is, maar dan belandt ze met corona op haar eigen intensive care.

Meta van der Woude, anesthesioloog en intensivist in het Zuyderland Medisch Centrum, is nog volop aan het herstellen. Werken kan ze nog lang niet. Ze revalideert drie dagen per week. “Ik kan nu ongeveer een half uur staan of lopen, dat is het maximum. Ik heb echt nog een aantal maanden nodig om te herstellen.  Dan hoop ik dat ik op mijn oude niveau kom en geen restschade heb aan longen, spieren of gewrichten. Dat is afwachten, maar ik heb er wel vertrouwen in. Ik merk dat ik vooruitga en dat geeft moed.”

In de drie weken dat ze coronapatiënten behandelt, houdt ze er geen moment rekening mee dat ze zo ziek kan worden. “Ik dacht dat ik best een besmetting zou kunnen oplopen, maar dat dat geen kwaad zou kunnen. Er waren meer besmette collega’s. Die zaten thuis en dat was het. Toen ik verschijnselen kreeg, dacht ik nog dat het niet meer dan een griepje was. Dat was dus niet zo. Dit is echt het heftigste dat ik ooit heb meegemaakt.”

Verpleegafdeling

Ze belandt in ‘haar’ ziekenhuis eerst op de verpleegafdeling. “Dat is al  heel raar. Je kunt dan nog wel helder nadenken. Je wilt je actief bemoeien met je behandeling. De verpleegkundige komt langs en zegt dat je bloeddruk te laag is en wil een infuus aanleggen. Dan vraag je nog of dat wel nodig is. Als de verpleegkundige een blaaskatheter wil inbrengen, vraag je als patiënt waarom je niet gewoon op de po kunt blijven plassen. Maar dan besef je wel dat ze gelijk hebben en dat je als behandelaar hetzelfde gedaan zou hebben. Als patiënt vond ik het echt drie keer niks. Ook met de medicijnen heb ik me actief bemoeid. Ik ben gestopt met chloroquine  omdat ik er te ziek van werd.”

Wat ook veel indruk maakt, is de volslagen afhankelijkheid. “Het feit dat je volledig afhankelijk bent van de zorg van verpleegkundigen. Dat je niets zelf kunt. Dat je continu voor iets moet bellen. Dat voelt niet prettig.”

Gemis aan contacten

Als ze terugkijkt op haar tijd in quarantaine, heeft vooral het gemis aan contacten veel indruk gemaakt. “Als je daar in quarantaine ligt, gaan je gedachten met je op de loop. Je moet jezelf 24/7 vermaken. Ik voelde me eenzaam en angstig. Ook omdat ik steeds zieker werd. Vanuit de zorgprofessionals was daar op dat moment geen aandacht voor door de grote drukte op de afdeling en het tekort aan beschermende materialen. Daar is nog wel veel aan te verbeteren. Ik miste echt een luisterend oor. Op het moment dat je met je familie gaat facetimen, wil je ze hoop geven. Je gaat niet zeggen ‘ik ben heel bang , troost me’. Die familie is al ongerust genoeg, je wilt ze niet nog ongeruster maken. Het is lastig om ook jouw zorgen te delen.”

Ze ziet wel een oplossing. “Dokters die tijdens zo’n crisis minder werk kunnen verrichten omdat poli’s dicht zijn, zouden kunnen worden ingezet om dat luisterende oor te bieden. Dat geldt ook voor andere zorgverleners die niet aan het bed werken.”

Naar de IC

Dan gaat het echt mis en komt ze bij  haar collega’s op de IC. “Dat was raar voor mij en voor hen. Ik voelde me wel veilig. Ik lag niet meer achter een gesloten deur, maar aan de monitor, goed in het zicht. Maar ik realiseerde me in het begin nog heel goed wat voor impact het had op mijn team dat ik daar zo ziek lag. Ik heb toen actief aangegeven dat ik ook wel overgeplaatst wilde worden.”

“Je gaat dan ineens in een andere modus. Je denkt dan even niet meer als patiënt maar als teamlid en als IC-arts. Ik werk al twintig jaar op deze IC en daardoor voelt het team als familie. Ik dacht: het is niet goed voor het team om familie te verzorgen. Het is echt heel zwaar voor je eigen mensen om je zo ziek te zien. Om je dan te moeten verzorgen en toch zo afstandelijk te blijven dat ze geen fouten maken. Ze moeten zich niet laten meeslepen door hun emoties, maar wel aandacht hebben voor mijn emoties. Dat is echt lastig voor beide kanten.”

Angsten en onzekerheden

Haar opname op de IC heeft haar begrip voor de patiënten en hun familie enorm vergroot. “Ik had natuurlijk wel aandacht voor de patiënt en de familie. Maar ik kan me nu veel beter voorstellen hoe zo’n patiënt en de familie zich voelen.”

“Ook bij andere ziekten dan corona heb je veel angsten en onzekerheden. Bij familieleden ontbreekt vaak kennis. Ze vragen zich bijvoorbeeld af waarom hun familielid zo opgezwollen is. Dat komt door oedeem. Voor artsen is dat een normale aanblik. Voor familieleden niet. We doen al veel aan voorlichting. Ik zal daar nog meer aan gaan bijdragen.”

Frustrerend

“Daarnaast zal ik meer aandacht hebben voor het lijden van de patiënten en meer met ze proberen te communiceren. Voor een patiënt die aan de beademingsbuis ligt, is het heel lastig om te communiceren. Praten gaat niet. Je moet je handen gebruiken, maar schrijven kan lastig zijn door krachtverlies. Toen ik het probeerde, leek het in het begin wel Russisch.  Het was erg frustrerend dat ik niet duidelijk kon maken waar ik mee zat. Die frustratie had ik al vaak gezien bij mijn patiënten, maar nu voelde ik ’m zelf. Daar moeten we nog veel meer aandacht voor hebben. Het moet mogelijk zijn manieren te verzinnen om toch te kunnen communiceren. Ik weet ook niet hoe, maar ik ben ervan overtuigd dat het kan.

Ongemak

Die beademingsbuis geeft Van der Woude veel ongemak. “Die veroorzaakte beschadiging aan mijn tong en uitgescheurde mondhoeken. Dat zijn dingen waar je als dokter niet veel aandacht voor hebt. Het is in het kader van het ziektebeeld iets heel kleins, maar als patiënt heb je er ontzettend veel last van. Dat betekent dat je continu bezig bent met de buis in je mond en de pijn die die veroorzaakt. Een arts kijkt alleen maar of de longen goed aan het herstellen zijn en of de bloeddruk goed is. Ik weet nu dat dat soort kleine dingen voor een patiënt veel meer ziektelast meebrengt dan het feit dat hij beademd wordt door een machine.”

“Verder vond ik het uitzuigen van het slijm uit de longen erg vervelend. Door de buis in je mond gaat een zuigslangetje naar binnen. Dan krijg je bijna geen lucht. De inhoud van de buis wordt opgevuld door de slang. Je ademt al door een rietje en daar komt dan nog weer een rietje in. Dat geeft een heftig gevoel van stikken. Je krijgt er hoestbuien van en die zijn enorm vervelend. Ik moest vaak uitgezogen worden. Dan krijg je iedere keer weer die angst van ‘daar gaan we weer, dit is niet fijn’.”

“Een zorgmedewerker zegt heel gemakkelijk ‘u gaat een beetje hoesten’ en ‘u kunt gewoon door blijven ademen’ maar het is echt niet prettig. Ik dacht dan ‘maak het zelf maar eens mee’.”

Naar Nijmegen

Van der Woude gaat verder achteruit. Ze ligt inmiddels op haar buik aan de beademing als ze door een MICU-transport naar Nijmegen overgeplaatst wordt. Daar weet ze niets meer van. “Ik werd een week later wakker en toen lag ik in Nijmegen. Je wordt niet in één keer wakker, maar heel geleidelijk. Dan hoor je mensen tegen je praten. Je herkent wel de geluiden, dat is vertrouwd. Maar dat je ergens anders bent op een plek die je niet kent, is raar.”

Ze mist de week op de IC, maar is ook stukken kwijt van de tijd dat ze op de afdeling lag. “Ik had in mijn ervaring als IC-arts wel meegemaakt dat mensen zeiden de IC als zwart gat te ervaren. Ook als ze wakker waren, sloegen ze  veel dingen niet op in hun geheugen. Het lichaam is zo bezig met ziek zijn dat de geest blijkbaar anders gaat werken. Ik weet nu hoe het voelt. En ook dat ik echt nog niet wakker was toen ik al af en toe reageerde. Daar kan ik me niets van herinneren.”

Checklist

Zelfs tijdens op de intensive care afdeling in Nijmegen rust de arts in Van der Woude niet. “Ik heb goede dingen opgepikt die ik wil meenemen naar mijn eigen ziekenhuis. Het Radboudumc heeft een checklist voor diverse ingrepen, waaronder de intubatie. Daar hebben ze ook een prijs voor gekregen. Nu heb ik zelf ervaren hoe dat gaat. Nadat het beademingsbuisje was verwijderd, moest ik opnieuw geïntubeerd worden. Toen ik zag hoe ze daarbij de checklist gebruikten, dacht ik ‘daar kunnen we nog iets van opsteken’.  Iedereen van het team heeft een duidelijke taak heeft en mag ook de anderen mag aanspreken. Er wordt ook geëvalueerd.”

“In ons ziekenhuis hebben we een checklist die je mág je gebruiken, maar dat hoeft niet. En er is geen vast evaluatiemoment ingebouwd. Dat verbetert wel de kwaliteit van zorg.  Ik heb de lijst even gekopieerd voor ik met ontslag ging. Ik heb wel aangekondigd op mijn afdeling dat ik ’m  ga sturen, maar ik wacht er nog maar even mee. Het is nu nog niet de tijd om veranderingen op de IC  door te voeren.”

Revalideren

Op dit moment is Van der Woude druk aan het revalideren. Dat ervaart ze als plezierig. “Het is zwaar, ik ben na een sessie fysiek helemaal op. Maar het is fijn dat iedere therapeut erg begripvol is. Ze leren me goed op mijn eigen grenzen te letten. En het is heel afwisselend. Ik ga drie keer per week en doe steeds iets  anders. Dat houdt me gemotiveerd.”

“Als arts ben ik een lastige patiënt om te revalideren. Ik heb een eigen mening en een heel hoog streefniveau. Ik wil zo snel mogelijk weer beter worden en ben daarbij de dokter over mezelf. Je kijkt steeds hoe je lichaam reageert en vraagt je dan af of dat normaal is. Op dit moment heb ik nog veel te weinig kracht om mijn werk te kunnen doen. Ook mijn fijne motoriek werkt nog niet goed genoeg. Ik heb kracht in mijn linkerarm nodig om een beademingsbuis in te brengen. Daar ben ik nog mijlenver weg van.”

De verwerking van het ziekteproces maakt haar soms bang. “Ik moet heel langzaam toewerken naar mijn werk op de IC. Dan ga ik er steeds opnieuw mee geconfronteerd worden. Met patiënten die iets doormaken dat veel lijkt op mijn verhaal. De vraag is of ik die stap kan maken.  Maar daar hoef ik nu nog niet mee bezig te zijn, dat is nog ver weg.”

Ervaringen delen

Ondertussen deelt Van der Woude haar ervaringen in het ziekenhuis. “We hebben in ons ziekenhuis een palliatief team. Dat heeft mij benaderd of ik wil meedenken omdat ik zelf patiënt ben geweest. Ze willen graag weten of de huidige processen verbeterd kunnen worden. Daar denk ik graag over mee. Mocht er een tweede golf aan coronapatiënten komen, dan is het ziekenhuis er klaar voor.”

Promotie

De promotie van Van der Woude die gepland stond voor 25 juni  is in verband met haar ziekte gecanceld. “Ach, de beoordelaars waren toch ook druk met coronapatiënten verzorgen. Ik plan hem nu voor november. Rond die tijd kan ik hopelijk weer een uur staan, vragen beantwoorden en daarna ook nog lol hebben op de receptie.”

 

 

Reacties