Financiering

Toekomstbestendige bekostiging van de zorg

Om de meerjarentransitie te laten slagen, moet passende zorg ook financieel gestimuleerd worden. Hiervoor moet de bekostiging mee-ontwikkelen met de zorginstelling. Welke bekostigingssystematiek beloont het leveren van passende zorg op de lange termijn?

In een vorig artikel kwamen meerjarige allianties tussen zorgverzekeraar en zorginstelling op basis van een productie-onafhankelijke vaste aanneemsom aan bod. Dit haalt de volumeprikkel weg en geeft de zorginstelling de ruimte om aan passende zorg te werken. Daarnaast biedt het tijd om het onderlinge vertrouwen en begrip te laten groeien.

Dit is een goede oplossing voor enige jaren, maar is op de lange termijn niet houdbaar. De gerealiseerde kostenverlaging komt volledig ten gunste  van de zorginstelling en niet van de verzekeraar en premiebetaler. Daarnaast vergroten langer durende aanneemsommen het risico van wachtlijsten en gebrek aan innovatie.

Om deze redenen is Strategy& bezig om samen met zorgverzekeraars en zorginstellingen een nieuw model te ontwikkelen dat de kosten en baten eerlijker verdeelt en de genoemde risico’s mitigeert.

Meetbare prikkels

Uitgangspunt hierbij is om meetbare prikkels te gebruiken die passende zorg stimuleren. Bijvoorbeeld het aantal initiatieven rondom passende zorg of de frequentie van het gebruik van keuzehulpen bij de indicatiestelling van operaties.

Op de middellange termijn zullen aan de vaste aanneemsom een aantal elementen toegevoegd moeten worden. Denk hierbij aan de reeds gerealiseerde productie- en kostendaling en het voorkomen van wachttijden of uitstroom van patiënten naar andere regio’s.

Op de lange termijn is een koppeling met de vier zorgmodellen nodig. Voor acute zorg zou een vaste aanneemsom een optie kunnen zijn. Voor diagnose- en indicatiestelling een tarief per uur of consult. Voor interventie zorgstraten zou dit een tarief per ingreep in combinatie met een productieplafond kunnen zijn en voor chronische zorg een abonnementstarief waar je eerste en tweede lijn samen betaalt op basis van aantal en type chronische patiënten in een bepaald zorggebied (populatie bekostiging).

Deze bekostiging is te combineren met kwaliteitsindicatoren die voor de verschillende modellen verschillen. Bijvoorbeeld over de mate van betrokkenheid van patiënten bij besluitvorming of de uitkomsten en complicaties van interventies.

Volumeprikkel

Voor een succesvolle transformatie moet passende zorg voor iedereen binnen de zorginstelling bovenaan staan, anders is het gedoemd te mislukken. De financiële afspraken met zorgverzekeraars moeten om die reden eveneens vertaald worden naar medisch specialisten, die of in loondienst zijn of georganiseerd in MSB’s.

MSB’s gebruiken in ongeveer 90 procent van de gevallen het Logex-verdeelmodel om op basis van productie en efficiency het budget te verdelen over de vakgroepen en specialisten. Met andere woorden: hoe productiever en efficiënter je bent ten opzichte van de benchmark, hoe groter het aandeel in de taart. Deze volumeprikkel staat echter haaks op de beweging richting passende zorg.

Aangepast verdeelmodel

Om die reden heeft Logex in samenwerking met MSB’s een aangepast verdeelmodel ontwikkeld in de context van passende zorg. Hierin worden medisch specialisten op de juiste wijze gestimuleerd om in te zetten op de beweging richting passende zorg. De uitgangspunten voor het nieuwe verdeelmodel zijn beloning van prestaties, geen (over)productie prikkels, geen ‘straf’ op passende zorg, integratie van in-en externe prikkels en duidelijkheid vooraf.

Extra keuzes

Naast het verdeelmodel staan zorginstellingen en MSB’s voor een aantal extra keuzes. Allereerst dienen zij te beslissen in welk tempo er capaciteit afgebouwd dient te worden. Ten tweede dienen zorginstellingen aan te geven of een (gedeeltelijke) inkomenszekerheid via bijvoorbeeld een transitievergoeding vooraf gewenst is.

Op deze manier worden specialisten niet benadeeld als ze door passende zorg initiatieven minder productie leveren dan vooraf begroot. Een shared savings regeling kan de afbouw van kosten verder stimuleren doordat de (niet gebudgetteerde) besparing in het volgende jaar gedeeld wordt tussen het ziekenhuis en de MSB’s. De keuze en mogelijkheden hiervoor zullen afhangen van de cultuur, financiële situatie en externe afspraken.

 

Reacties