Meten van uitkomsten en kosten

‘Werk samen om wildgroei aan meetinstrumenten te beperken’

De variatie aan meetinstrumenten die in dertien leren & verbeteren-projecten worden gehanteerd, is groot. Dat blijkt uit een inventarisatie van de HAN University. Het advies van de onderzoekers luidt: zoek elkaar meer op en doorbreek de eilandcultuur.

In de dertien leren & verbeteren-projecten werkt ZonMw samen met Zorginstituut Nederland. Er wordt onder meer onderzoek gedaan binnen de verpleeghuiszorg, wijkverpleging, intensive care en integrale geboortezorg. Doel is om instrumenten te ontwikkelen en te onderzoeken die de zorgkwaliteit verbetert en zorgprofessionals stimuleert.

“Hoewel de projectteams allemaal hetzelfde overstijgende doel hebben, gebruiken ze verschillende methoden om te achterhalen wat de effecten zijn van wat ze doen. Iedereen is dus voor zichzelf het wiel aan het uitvinden”, vertelt Frank Verbeek, docent en onderzoeker aan de HAN.

Eye-opener

Om meer kennis en inzicht op te doen van de gehanteerde meettools, gaf ZonMw HAN University opdracht om een inventarisatie te maken. “Zodat we in de toekomst misschien een overkoepelende set kunnen aanraden, omdat we weten welke instrumenten het beste aansluiten bij de verschillende zorgcontexten”, aldus Verbeek, een van de onderzoeksbegeleiders.

Dat er veel variatie is, was al bekend. Maar dat er zoveel variatie was, is volgens Verbeek een eye-opener. Binnen de dertien leren & verbeteren-projecten gebruiken onderzoekers maar liefst 33 verschillende kwantitatieve meetinstrumenten, waarvan er slechts drie in meerdere projecten worden ingezet. In geen enkel project blijkt een literatuuronderzoek te zijn verricht naar de meest geschikte instrumenten om leren en verbeteren inzichtelijk te maken.

Instrumenten passen niet bij zorgcontext

De onderzoekers constateren wel dat projectleiders bewust voor hun meetinstrumenten kiezen. Ook hechten zij waarde aan instrumenten die vergelijkbaar zijn met andere projecten. In de praktijk blijkt dat echter een grote uitdaging. “Projectleiders vonden bestaande instrumenten niet altijd goed passen bij hun situatie. Of de vragenlijsten waren geschreven voor een andere zorgcontext dan waar behoefte aan was”, legt verpleegkundestudent Nina Janssen uit, een van de uitvoerders van de inventarisatie. Daarom werden instrumenten aangepast of samengevoegd. Aanvullend gebruikten alle projecten kwalitatieve methoden om diepgaandere informatie te verkrijgen, zoals focusgroepen en interviews.

Elk project vult de definitie van leren & verbeteren dus anders in, aldus Verbeek. “Er worden heel verschillende keuzes in gemaakt, zoals het kijken naar competenties, het leerklimaat, leren rondom een thema als persoonsgerichte zorg of de toepassing van kennis. Dat maakt het moeilijk om onderlinge dwarsverbanden te leggen.” Zelfs in de aangebrachte instrumentcategorieën zaten belangrijke verschillen.

Zelf werkt Verbeek als onderzoeker aan het project Evidence 2.0. Daarvoor probeerde hij meetinstrumenten af te stemmen op soortgelijke projecten. Maar ook hij stuitte op de verschillen in setting. Samen met collega Anneke van Vught heeft hij daarom een informeel leernetwerk opgericht met andere leren & verbeteren-projecten in verpleeghuizen. “We wisselen niet alleen informatie uit over onze vragenlijsten, maar over alles wat we tegenkomen.”

Eilandcultuur doorbreken

Hoe een wildgroei aan meetinstrumenten gestroomlijnd kan worden? “Laat projectleiders onderling meer contact met elkaar zoeken”, aldus de onderzoekers. “De eerste stap daarvoor is het inzicht krijgen in elkaars instrumenten en de motieven om de instrumenten te gebruiken. Zo krijgen ze een beeld van elkaars projecten, wat hen misschien stimuleert om ervaringen te delen. Op dit moment zijn de projecten nog te veel eilandjes”, constateert Verbeek.

Welke meetinstrumenten op dit moment geschikt zijn voor het meten van de ZonMw-projecten is onduidelijk, ‘omdat er nog te weinig ervaring mee is opgedaan’. “De volgende stap is: alle projecten na afronding bevragen over hun ervaringen met de meetinstrumenten. Dan kun je goed onderbouwde aanbevelingen doen over wat nu de mooiste instrumenten zijn. De inventarisatie bleek namelijk nét te vroeg te komen om op die vraag antwoord te kunnen geven”, aldus Verbeek. Er is dus vervolgonderzoek en samenwerking tussen de projecten nodig om de lessons learned inzichtelijk te maken en meetinstrumenten te verbeteren.

Reacties