Organisatie

‘Zorg dichterbij huis is niet meer te stoppen’

Het Albert Schweitzer Ziekenhuis in Dordrecht werkt sinds december 2019 met Hematologie aan Huis. Het project startte als pilot met dertig patiënten. Inmiddels maken er honderd gebruik van. En dat moeten er steeds meer worden.

Patiënten van de afdeling hematologie die deelnemen aan het project Hematologie aan Huis krijgen hun medicatie aan huis bezorgd, kunnen thuis of in de buurt van hun huis bloed laten prikken en hebben via beeldbellen contact met hun arts. Internist-Hematoloog Eva de Jongh is erg enthousiast over alle mogelijkheden die dit biedt. “Het is prettig voor patiënten als ze niet steeds naar het ziekenhuis hoeven komen. En dat geldt natuurlijk ook voor hun mantelzorgers.”

“We hebben globaal gezien twee groepen patiënten die baat kunnen hebben bij deze manier van zorgverlening. De oudere patiënten, die vaak niet meer alleen kunnen komen en dus afhankelijk zijn van derden, en de jongere patiënten, die nog volop in het werkzame bestaan zitten en niet voor ieder bezoek of onderzoek vrij kunnen nemen. Ik vind het heel bijzonder als ik een beeldbel-consult heb met een patiënt die op het werk zit. Dan kan ik bijvoorbeeld even de bouwplaats zien waar de patiënt staat terwijl hij of zij gewoon druk aan het werk is. Heel mooi dat je mensen in hun eigen omgeving ziet en dat je ze er niet helemaal uit hoeft te halen voor een controle bij de arts.”

Centrum van gezondheidszorg

De Jongh noemt het een beweging die we niet meer moeten willen stoppen: zorg in de thuissituatie of dichter bij huis. “Het blijft bijzonder dat we het ziekenhuis zien als het centrum van veel gezondheidszorg, terwijl dat het huis van de patiënt zou kunnen zijn. Dat wij naar de patiënt toe komen vind ik een logischer stap dan dat de patiënt nog meer moet investeren terwijl hij of zij al ziek is.”
“Ik had gisteren een mevrouw aan de telefoon, die zat op de camping in de Achterhoek. Die wilde heel graag haar huisje en haar tuintje laten zien. Dat is zo leuk. Als je patiënten hier uit de wachtkamer haalt, heb je een zeer onevenwichtige situatie. De patiënt is altijd zenuwachtig, het is ongemakkelijk in de dokterskamer. Nu kom ik bij de patiënt op bezoek en die kan laten zien wat daar gebeurt. En die voelt zich prettig. Dat is veel leuker.”

Minder tijd

De Jongh denkt zelfs dat deze manier van zorg leveren uiteindelijk minder tijd kost. “Wij lopen in het ziekenhuis toch vaak uit. Dat is voor de patiënt sowieso al vervelend. Het gedoe in een wachtkamer, het naar de wachtkamer lopen, het afspraken maken, het kost allemaal veel extra tijd.
“Het is veel efficiënter om in contact te komen met de patiënten via beeldbellen. Die zijn vaak goed voorbereid. Ze weten dat om kwart over tien de dokter belt en zitten klaar met hun vragenlijst. Je hebt een efficiënter consult, daarom heb je ook wel even tijd om naar de tuin of naar de hond te kijken. Dat vind ik heel mooi.”

Drie pijlers

Nog niet alle hematologische zorg is aan huis mogelijk. Het gaat in dit project om patiënten die behandeld worden met chemotherapie in tabletvorm. Het project in het ASZ rust op drie pijlers: beeldbellen met patiënten, medicatie thuis leveren en bloed prikken dichter bij huis.

De Jongh: “Wij zijn de eerste vakgroep in het ziekenhuis die zo werkt. Ik weet dat er losse projecten lopen en dat er bijvoorbeeld vakgroepen zijn die proberen te regelen dat voor een deel van de patiënten de medicatie aan huis wordt bezorgd. Wij zijn de eersten die een totaalpakket kunnen aanbieden. Dat moet volgens mij ook. Je kunt wel één pijler wegnemen uit het ziekenhuis, maar als de patiënt voor al die andere dingen alsnog op en neer moet komen, wat win je er dan daadwerkelijk mee?”

Gekoppeld aan EPD

Een eerste voorwaarde voor het project was de applicatie voor het beeldbellen. Die moest gekoppeld zijn aan het EPD. De Jongh: “Dit kan soms een frustrerend proces zijn, maar dit liep gelukkig relatief soepel. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat het op dit moment precies is zoals ik het zou willen, maar dat heeft met name met de benodigde hardware te maken.”

Er is een koppeling gemaakt tussen de beeld-belmodule en het EPD. “We wilden daar absoluut geen aparte agenda voor. Als ik in mijn epd een beeldbelconsult aanvraag, komt er in mijn agenda en in de agenda van de beeldbelmodule, FaceTalk, een afspraak te staan. Als ik de afspraak in mijn EPD wijzig, wijzigt ook automatisch de afspraak voor de patiënt in de beeldbelmodule. Ik kan bovendien de beelden delen. Als ik een scan bij een patiënt heb gemaakt, kan ik laten zien wat de patiënt moet zien in de scan. Dat is heel prettig. Er zijn uitslagen die je echt even voor ogen wilt hebben om iets duidelijk te maken.”

“Wat ook helpt, is samenwerking zoeken met partijen die Juiste-Zorg-Op-Juiste-Plek mede omarmen en daar een bijdrage aan willen leveren. In ons geval is dat AbbVie. We werken inmiddels ook met ze samen aan een vervolgtraject rondom zorgpaden van chronische hematologische ziektebeelden.”

Eerst het kostenplaatje

Daarnaast moest er een samenwerking komen met twee andere partijen: de ziekenhuisapotheek en het laboratorium voor bloedafnames. De ziekenhuisapotheek moest de medicatie, waarvoor vaak hele specifieke bewaarcondities gelden, aan huis gaan bezorgen. Daarnaast moest in kaart worden gebracht welke prikposten beschikbaar zijn, zodat iedere patiënt zich zo dicht mogelijk bij huis kan laten prikken. Dat vroeg de nodige afstemming en overleg en vraagt ook om een investering vanuit het ziekenhuis dan wel de zorgverzekeraar.

De Jongh raadt ziekenhuizen die ook met zorg thuis willen gaan werken aan om eerst dat kostenplaatje rond te maken en hierin ook innovatief te denken. “Ga het gesprek aan met je raad van bestuur, maar denk ook aan afspraken met zorgverzekeraars of producenten van dure geneesmiddelen. Je moet parallel aan het ontwikkelen van het traject al bestuurlijke en financiële borging zien te organiseren.

“Uiteindelijk bespaart deze manier van werken ook geld, zeker ook vanuit een maatschappelijk perspectief, maar dat duurt enige tijd voordat dit onder aan de streep inzichtelijk is. Zorgverzekeraars vinden het een interessant project, maar staan niet te springen om te gaan betalen omdat ze nog niet weten wat ze uiteindelijk kunnen gaan besparen. Het zou mooi zijn als we dit uiteindelijk als reguliere zorg kunnen aanbieden.

Patiëntperspectief

Ze heeft nog een tip voor vakgroepen die zorg naar huis willen verplaatsen. “Betrek de patiënten vroegtijdig zodat je niet alleen zelf een leuk plan maakt. Dat vergeten we nog weleens. Wij hebben hier een klankbordgroep waar we vanaf het begin al onze plannen mee overlegd hebben.”

Toen er nog dertig patiënten in de pilot zaten, werd de patiëntervaring continu gemeten met behulp van PROM-vragenlijsten. Dat is bij een deel van de patiënten doorgezet. “De komende twee jaar willen we bij alle patiënten met chronische hematologische ziektebeelden op gestructureerde wijze hun symptomatologie uitvragen via PROMs. Daarnaast willen we ook regelmatig vragen of we het wel goed doen. Missen we dingen? Hoe vindt u de zorg? Hoe kunnen we u nog beter ondersteunen?”

Lang niet alles thuis

Het project was net gestart toen de coronacrisis losbarstte. “Daardoor konden we een deel van onze hematologische zorg gemakkelijker continueren omdat de infrastructuur voor begeleiding in de thuissituatie al beschikbaar was. Dat heeft ons zeker geholpen. En door de ervaring die wij al hadden opgedaan, ging het heel snel naar andere afdelingen. We hadden de applicatie al en de koppeling met het EPD was er al. Dat hele opstartproces hadden we al doorgemaakt. Dat heeft zeker voordelen opgeleverd. Steeds meer afdelingen werken ermee en ze vinden het ook leuk.”

Keuze bij de patiënt

De Jongh benadrukt dat de keuze bij de patiënt ligt. Niets moet, alles mag. Als patiënten liever toch naar het ziekenhuis komen, is dat ook prima. “Maar zeker in de beginfase van een ziekteproces zijn er soms heel veel controles nodig. Je moet de juiste dosering vinden, bijwerkingen managen. Patiënten moeten dan soms wel elke twee weken naar het ziekenhuis. Dan is het heel fijn als in ieder geval een deel van de zorg vanuit huis kan. We merken dat er in het begin nog weleens weerstand tegen beeldbellen bestaat en dat patiënten toch liever naar het ziekenhuis komen. In verband met de coronacrisis proberen we ze dan toch vriendelijk in de richting van het beeldbellen te bewegen. De meeste patiënten zijn er uiteindelijk blij mee en willen niet anders meer.”

Reacties