Meten van uitkomsten en kosten

Zorgverleners en patiënten gaan in dialoog over kwaliteit

Ware kennis ontstaat volgens Socrates in dialoog. De waardendialogen bieden zorgverleners en patiënten de kans om buiten de dagelijkse praktijk samen te praten over wat voor hen goede zorg is. Het lijkt een zinvol instrument om verantwoording aan patiënt, instelling en toezichthouder af te leggen over de kwaliteit van zorg.

Door Saskia Papenhuijzen-de Wit, Hoofd kwaliteit van zorg, UMC Utrecht

De Raad Volksgezondheid en Samenleving (RVS) legt in haar rapport  Blijk van vertrouwen- Anders verantwoorden voor goede zorg nadrukkelijk de link tussen indicatoren en verantwoording.

De Raad hangt aan de huidige verantwoordingspraktijk op basis van indicatoren een aantal grote maatschappelijke discussies op. Zo zou verantwoording op dit moment onvoldoende bijdragen aan betere zorg. Patiënten ervaren dat ze door de verantwoordingsvereisten niet altijd passende hulp ontvangen. Zorgverleners hebben bovendien minder aandacht voor hen. Ze kunnen niet altijd meer de zorg en ondersteuning bieden die zij nodig achten omdat de kaders op basis waarvan zij zich moeten verantwoorden knellen. Publiek wantrouwen jegens de zorg groeit. Dat bemoeilijkt leren en werkt indekken in de hand. De registratie van gegevens die niet bijdragen aan de kwaliteit van de zorg groeit. Dit leidt tot minder werkplezier waardoor de aantrekkingskracht op toekomstige zorgverleners terugloopt.

Ongenoegen

De Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving stelt vast dat de huidige manier van verantwoorden over kwaliteit van zorg, op basis van indicatoren, niet langer voldoet. Zorg is complex en veelzijdig. Het doet geen recht aan de praktijk om louter te verantwoorden over wat meetbaar is. De wens om complexiteit te ‘controleren’ op basis van registraties heeft bijgedragen aan een toenemend ongenoegen bij zorgverleners over de huidige vorm van verantwoorden. De RVS beschrijft dat het initiatief voor het afleggen van rekenschap bij de zorgverleners moet liggen. In samenspraak met de patiënt en als onderdeel van een leerproces.

Concluderen dat het tijd is voor nieuwe methoden en dat de zorgverleners het initiatief moeten nemen, is één. Hoe die nieuwe methodiek er dan uit moet zien, is vervolgens de grote vraag.

Waardendialogen

Zorgverleners in het UMC Utrecht hebben geëxperimenteerd met waardendialogen.1 Dit zijn groepsgesprekken tussen zorgverleners en ervaringsdeskundigen (patiënten en naasten). Ze komen daarin volgens een vastgestelde methodiek gezamenlijk tot een waardendefinitie. In deze waardendefinitie wordt omschreven wat goede zorg is volgens deze groep.

De waardendialogen zijn een manier om een gelijkwaardig gesprek te voeren tussen zorgverleners en patiënt, buiten de dagelijkse praktijk.  Ware kennis ontstaat in dialoog, aldus Socrates.2 In de dialoog wordt betekenis gegeven aan wat zorgverlener en patiënt belangrijk vinden voor goede zorg. Tegelijkertijd draagt de ervaring van de waardendialoog bij aan het bewerkstelligen van een meer horizontale relatie tussen patiënt en zorgverlener. Zij hebben, los van hun behandeling, elkaar bevraagd op hun motivatie om bepaalde aspecten van goede zorg belangrijker te vinden dan andere. Beiden ervaren dat de ander naast zorgverlener of patiënt ‘gewoon’ een mens is waarmee je in gesprek kunt over zaken die je belangrijk vindt.

Unieke waardendefinitie

De unieke waardendefinitie die de deelnemers tijdens de dialogen over hun ziektebeeld of aandoening gezamenlijk formuleren, draagt bij aan verbetering van de zorg op de aspecten die benoemd zijn tijdens de gesprekken. Die gezamenlijkheid voedt de intrinsieke motivatie om ook daadwerkelijk de betreffende praktijk te gaan verbeteren.

De methodiek van de waardendialogen lijkt een zinvol instrument te zijn om verantwoording aan patiënt, instelling en toezichthouder af te leggen over de kwaliteit van zorg. De waardendialoog doet recht aan de complexiteit en veelzijdigheid van de zorgpraktijk en komt voort uit een initiatief van de zorgverleners zelf. De waardendialogen vergroten de intrinsieke motivatie om de zorg te willen verbeteren en hoge kwaliteit te willen leveren aan patiënten.

Randvoorwaarden

Een waardendialoog en de daaruit volgende verbeterslagen alleen bieden onvoldoende informatie voor verantwoording over de kwaliteit van zorg. Om goede zorg te kunnen verlenen dient aan een aantal randvoorwaarden voldaan te zijn. Er moet gewerkt worden in een veilige omgeving en er moet beschikking zijn over de juiste mensen en middelen. Daarnaast is het van belang om ook het medisch-technisch handelen te blijven verbeteren. Daarom is het van belang om ook als vakgenoten in gesprek te blijven over zinvolle uitkomsten van zorg.

Continue cyclus

Een continue cyclus ontstaat waarin samen begrijpen, samen proberen, samen reflecteren en samen leren van patiënt en zorgverleners centraal staat. Deze cyclus wordt gevoed door een combinatie van randvoorwaarden voor veilige zorg, informatie over uitkomsten van zorg en de waardendialogen. Door over deze verschillende aspecten voortdurend in gesprek te zijn, ontstaat begrip voor de gegevens. Eenieder kan vervolgens een toelichting geven op de interpretatie van de gegevens. De zorgverlener toont zo aan dat hij samen met de patiënt de zorg vormgeeft en legt in de vorm van de dialoog verantwoording af over de kwaliteit van die zorg.

Bestuur en toezichthouders kunnen de waardendialoog zien als een structuurindicator die bewerkstelligt dat goede zorg samen met de patiënt bepaald wordt en dat samen met patiënten geleerd en verbeterd wordt.

Ruimte

Om met waardendialogen te kunnen starten, is ruimte nodig van toezichthouders om te mogen experimenteren. Vertrouwen om de huidige set aan structuur-, proces- en uitkomstindicatoren te herzien en terug te brengen tot een beperkte set indicatoren met voor patiënt en zorgverlener zinvolle informatie. De waardendialoog, waarin gezamenlijk bepaald is wat goede zorg nu eigenlijk is, is een waardevol onderdeel van deze nieuwe set. De dialoog draagt bij aan het realiseren van verbetering van kwaliteit van zorg, die voor de patiënt werkelijk van belang is.

———————————————————————————————————————————-

1. Met dank aan Jim van Os, Floortje Scheepers, Tatjana Seute, Marjolijn Ketelaar, Monique van Oirschot, Inge Smoorenburg, Jens Glissenaar, de zorgverleners van de betrokken afdelingen en de deelnemende ervaringsdeskundigen.
2. Socrates op sneakers, Wiss, 2020

Reacties

Comments

  1. Marlieke de Jonge

    Ik denk dat het nog lang niet duidelijk is waar de kwaliteit in de zorg uit bestaat. In de cure primair het pathologieverloop? Dat lijkt me een zware onderschatting van de rol en verantwoordelijkheid van de patiënt. Kort samengevat: een operatie duurt misschien 5 of 6 uur (mijn laatste), daarna is nog heel veel uren professionele inzet nodig, maar zodra de patiënt één oog open heeft, moet ie zelf weer aan de bak met een actief herstelproces.
    Het is waar dat de inzet van patiënten in de huidige zorg nog niet ten volle benut wordt, maar dat kan beter worden. En om de zorg betaalbaar te houden en de patiënt meer kansen te geven, moet het ook beter worden.
    Die actieve inzet (op z’n minst een gezonde leefstijl, zelfregistratie en conditietraining of oefeningen)dient de waardering en erkenning te krijgen in het meten van de kwaliteit van zorg die ze verdient.
    De patiënt van tegenwoordig is geen lijdend voorwerp of object van zorg, maar deel van het eigen zorgteam.

    • Frank Conijn

      Wellicht dat u de term pathologieverloop anders interpreteert? Het betekent niet meer en niet minder dan het verschil tussen hoe erg was het aan het begin en hoe erg was het op het eind van het zorgtraject (periodiek ingeval van continue curatieve zorg zoals bij echt niet te genezen chronische ziektes).
      .
      Activering/coaching van de patiënt kan (inderdaad) heel goed bijdragen aan een beter pathologieverloop. Sterker nog, ik denk dat de ‘beweegziekenhuizen’ waar nu over nagedacht wordt zullen laten zien dat ze beter zijn in pathologieverloop. En dan hebben we het nog maar over één aspect van gezondheid/genezen.
      .
      Mocht u nog steeds twijfelen aan mijn intentie/opstelling, dan nodig ik u uit om mijn pleidooi te lezen voor een premiekorting voor mensen met een gezond voedings- en beweegpatroon, op https://gezondezorg.org/preventiebeleid.

      • Marlieke de Jonge

        Dank voor uw reactie. Ik over-reageer inderdaad op het woord pathologiie-verloop. Dat is een
        Uw artikel ga ik lezen.
        De zorg kan zo veel leuker en beter als de patiënt actief betrokken wordt bij het hele traject, dat voorkomt de passieve

      • Marlieke de Jonge

        Dat ging dus weer mis met mijn antwoord. Niet zo’n goede motoriek.
        Dat voorkomt de passieve patientenrol.
        Vooral handig als je een vaste relatie met de zorg hebt en niet in het systeem past (noemen we ‘complex’).
        Behalve zorgen voor een goede conditie, kun je ook N=1onderzoekjes bijdragen en patiënten-brieven. De communicatie-lijnen open houden, is voorlopig ook nog een dankbare klus.
        Dat is allemaal zoveel meer dan praten over kwaliteit aan dialoogtafels. Is aardig, maat lang niet voldoende.

  2. Frank Conijn

    Naar mijn mening heb je meer nodig dan alleen maar dialoog om ware/waardenkennis te verkrijgen, want dialogen worden beperkt door de dossierkennis en het intellect van de deelnemers aan de dialoog.

    Tegelijkertijd denk ik dat allang al duidelijk is waar kwaliteit in de zorg uit zou moeten bestaan. Voor de cure: primair het pathologieverloop; secundair de cliënttevredenheid, die zaken als afsprakenlogistiek, voorlichting/communicatie en attitude van de zorgverleners omvat.

    In de care zou het primair om cliënttevredenheid moeten gaan.

  3. Mauk van Heemstra InVerbindingZijn

    Heel herkenbaar.
    Ik mag als PrezoCare auditor waardendialogen faciliteren. Dat is verrassend dankbaar werk.
    Dat blijft niet beperkt tot patiënten-niveau, maar wij verzamelen dan de waarde-belevingen van alle ‘vertegenwoordigers’ in zorg-organisaties, beginnend bij de cliënt.
    Maar ook die van familie, naasten, vrijwilligers, zorgprofessionals en bestuur.
    Vervolgens krijg je een palet van waardebelevingen dat heel erg congruent kan zijn, of juist divers. Het eerste is enorm versterkend voor de motivatie van allen binnen de organisatie, het tweede een inspirerende zoektocht naar de essentiële, na te streven waarden.
    Altijd inspirerend.
    Zo mogen bijdragen aan continu verbeteren van zorgorganisaties is voor alle betrokkenen een feest.

    • Perspekt - kwaliteit in zorg

      Dank voor je mooie woorden Mauk. Leren uit de verhalen van alledag, ieders perspectief kennen en voelen wat voor eenieder van waarde is. Samen dilemma’s bespreken, tot een gedragen besluit komen en daar dan weer op reflecteren.

      Vanuit Perspekt zijn wij zeer content dat wij ruim twee jaar geleden met PREZO Care de narratieve blik hebben mogen toevoegen aan de ontwikkeling en verantwoording van kwaliteit in de brede langdurige zorg!

      Het onderzoek van Saskia Papenhuijzen-de Wit toont hier eens te meer de waarde van aan.